14 mei 2013

Geduld groet sport

De Europa League-finale in Amsterdam op 15 mei: een mooi affiche met Chelsea en Benfica als finalisten. Vlaggen overal in Amsterdam.
Geduld groet sport
De cup is met veel vertoon naar Amsterdam gebracht door Platini. Het Nederlandse Infostrada Sports zal de televisie-uitzending van de finale verzorgen en met indrukwekkende informatie ondersteunen. Met de voorbereidingen en de organisatie van dit evenement zit het wel goed. Maar een dergelijk evenement in Amsterdam drukt Nederland ook met de neus op de feiten.


Mooier was het geweest als Ajax, Twente of PSV op 15 mei in de ArenA hadden gestaan. Dat is wat van een groot voetballand als Nederland verwacht mag worden. Maar gezien de (wan)prestaties van de Nederlandse clubs op het internationale niveau in de afgelopen seizoenen is er voor hen voorlopig geen zicht op een topprestatie zoals een Champions League- of een Europa League-finale. Met name de slechte prestaties van PSV en Twente in de Europa League tegen onbetekenende clubs stelden erg teleur en dat kost punten.


Er zijn ook weinig indicaties dat het binnen afzienbare tijd wél gaat lukken met de topclubs in Nederland. Geduld groet sport. En dat geduld hebben we nog even nodig. Maar waar gaat het dan heen? Is er een plan? Hoe gaat het goed komen? Iemand die het weet? Wat is het motief van het Nederlandse voetbal? Als we dat weten ontstaat het wenkende perspectief.


Is gelaten afwachten het adagium? Of is de Europa League finale in Amsterdam een wake-up call voor het hele betaalde voetbal in Nederland? De grote schare voetbalfans in Nederland zou daarom een helder verhaal tegemoet mogen zien. Een visie en een aanpak die wordt uitgedragen door de woordvoerders en bestuurders. Bijvoorbeeld met drie voor de hand liggende lange termijn ingrediënten:


1. Versnelde gezondmaking van het betaalde voetbal door dat schuldenvrij te maken.
2. Absolute focus op talentontwikkeling en innovatie door de clubs en de bond.
3. Schaalvergroting.


De KNVB is absoluut en veruit de grootste sportbond van Nederland en is goed georganiseerd. Ook in de internationale vergelijking staat voetbal in Nederland er goed op (groot aantal clubs, veel actieve sporters). De huidige structuur met achttien eredivisieclubs en zestien eerstedivisieclubs en wedstrijden waar een paar duizend toeschouwers komen biedt geen goede basis voor betere benutting van potentieel. Schaalvergroting waardoor minder clubs veel meer toeschouwers kunnen herbergen lijkt dan de weg die we op moeten.


Geduld heeft de voetbalfan al. Het is even niet anders dan dat het Nederlands clubvoetbal echt niet meedoet aan de top van Europa. Maar dat is wel het moment om perspectief te bieden en dat doen de bestuurders met een goede visie en een goed verhaal met perspectief. En dat is wat anders dan spelers in het buitenland kopen. De talenten zijn er en blijven komen. De Europese top volgt dan vanzelf. Durf te concentreren op talentontwikkeling, voetbaltechniek en sportinnovatie. Daarin is Nederland sterk. Vertel dat verhaal want de hele wereld zal het begrijpen. Stop met (foute) aankopen en de bijbehorende schuldposities. Dring het aantal buitenlandse spelers op de velden terug.


Paul Kok (1956) is strategy director bij Hill+Knowlton Strategies en leader van de sportpractice. Hij was in 2009 en 2010 communicatie manager bij The HollandBelgium Bid, de kandidatuur van Nederland en België voor het WK voetbal in 2018. Motto: Je moet schieten, anders kan je niet scoren.
 
Dit artikel is ook gepubliceerd op www.SportKnowhowXL.nl, partner van Hill+Knowlton Strategies